In dit artikel kijken we naar gain en compressie bij het opnemen van zang. Hoe hard mag je opnemen? Wanneer is het handig om gelijk al effecten op te nemen en wanneer juist niet?


Hoe hard moet je opnemen?
Elke mic pre-amp heeft een gain-knop. Hiermee zorg je ervoor dat het volume van het op te nemen instrument op het goede opnameniveau wordt gebracht. Dat is het volume waarop alle elektronica optimaal wordt aangestuurd, dus met de minste vervorming of ruis. Hoe hard moet je opnemen? In de computer is de regel: zo hard mogelijk, maar nooit in het rood. Aangezien je van tevoren nooit precies weet hoe hard het signaal  wordt moet je een extra veiligheidsmarge inbouwen. Die marge noemen we ‘headroom’. Een goede richtlijn voor headroom is 6-12dB boven de hoogste pieken.

vocal Neve 1073LB Small

De Neve 1073 wordt beschouwd als dé klassieke mic pre-amp. 1100 euro is natuurlijk een hoop geld voor een voorversterker zonder EQ, maar je hebt wel de zekerheid van een topklasse geluid.

Een praktijkvoorbeeld: Nadat je de gain van de mic pre-amp goed hebt ingesteld voor bijvoorbeeld de zang van een hard refrein, zal deze waarschijnlijk niet meer te horen zijn in het zachte couplet. De juiste manier is dan niet om de zangfader naar boven te duwen, maar juist om de gain op de mic pre-amp harder te zetten. Totdat de zang van het couplet mooi op de muziek ligt. Iedere keer als het volume van het op te nemen instrument verandert, pas je dus de pre- ampgain aan. Dat hoeft nu ook weer niet zo dogmatisch te gebeuren dat de dynamiek van het instrument niet meer klopt in de context van de song. Als de zachte zang in het couplet te hard zou worden opgenomen (om het maximale opnameniveau te bereiken), is er geen muzikale balans meer met de instrumenten die daar spelen. Prioriteit is daarom:
1. dat er op geen enkel punt in de signaalketen vervorming onststaat
2. dat de dynamiek van de performance in het grote geheel blijft kloppen. Op die manier bouw je tijdens het opnemen al aan de mix. Bovendien kun je op die manier elke nieuwe partij in de juiste context beoordelen.

Effecten
Tenzij je zeker weet dat je de klank van een bepaald effect wilt hebben, is het vrij uitzonderlijk om galm, delay, flangers, phasers of chorussen gelijk mee op te nemen. In de eerste plaats omdat je het effect nooit meer uit het signaal kunt verwijderen, maar ook omdat je in het opnamestadium nog niet precies weet hoe de zang zich in de mix zal verhouden tot de instrumenten. Daarom is het beter om die keuze uit te stellen tot later.

Hoe zit het met compressie?
Er is bijna geen dynamischer instrument dan de zangstem. Van fluisterniveau tot het oorverdovende volume van een harde schreeuw; het enorme dynamische bereik van de stem komt regelmatig in het korte tijdsbestek van één song aan bod. In de mix zullen we deze dynamiek hoe dan ook willen beperken. Dus waarom dan niet alvast een veilige hoeveelheid compressie toegepast bij opname?

”Door de vocal alvast wat in dynamiek te beperken, zorg je ervoor dat deze gedurende de hele song blijft communiceren.”

Mocht je nog niet weten hoe compressie werkt, ga dan uit van een lage ‘ratio’ van 3:1 en mediumsettings van ‘attack’ en ‘release’. Zolang je goed op de ‘gainreduction meter’ blijft kijken en zorgt dat de compressor niet meer dan 2-6dB van de pieken afhaalt, kan het nooit helemaal misgaan. Zodra de vocalist harder of zachter zingt, pas je het volume aan met de preampgain (en niet met het ‘input volume’ van de compressor). Een voordeel van bescheiden hoeveelheden compressie is, dat de ingewikkelder instellingen zoals attack en release er minder toe doen.

Hetzelfde geldt voor EQ: met een kleine aanpassing van de klankkleur zorg je ervoor dat de zang alvast beter in de muziek ligt. Door bijvoorbeeld het (sub)laag op te ruimen eet de zang geen ruimte  op van andere instrumenten. Door wat presence of (top)hoog op te halen zorg je ervoor dat de zang beter door de muziek heen prikt. Dat kan bijvoorbeeld  nodig zijn als je met een warme/smoothe mic werkt. Zoals een ribbon.

”Door direct bij opname een mooi analoog apparaat te gebruiken, zit de analoge saus alvast ingebakken in het signaal.”

Heb je een mooie analoge compressor of EQ?
Dan is er een reden temeer om deze gelijk bij opname te in te zetten. Analoge apparaten loslaten op sporen in de DAW is namelijk omslachtig. Het signaal van het te behandelen spoor moet dan eerst naar een aparte uitgang van de interface worden gestuurd. Nadat het door het analoge apparaat is gehaald, moet het behandelde geluid opnieuw worden opgenomen in de DAW. Behalve dat het signaal daardoor twee keer wordt ‘getransduced’ (eerst DA en daarna AD), kun je ook tegen latencyproblemen aanlopen.

Hoe de techniek kan helpen om tot een betere performance te komen lees je binnenkort in Deel III van deze serie.

Zie ook Deel I: 5 tips voor een betere zangopname